In de zesde voorstelling die Geert Lageveen en Leopold Witte voor Orkater maakten, hebben ze zich laten inhalen door de geschiedenis. De tulpenmanie (De Gouden Eeuw), de vrouwelijke psychologie (Ik) en het kindergeluk (Bloedband) maken plaats voor het meest urgente thema dat er momenteel is, de oorlog die Nederland voert in Afghanistan.
Lageveen en Witte researchen hun voorstellingen altijd grondig. Voor Kamp Holland konden ze niet de bibliotheek in. Ze gingen naar de Nederlandse soldaten in Afghanistan. Eigenlijk begon de voorstelling op het moment dat zij met dat nieuwsfeit in de media kwamen. Orkater betrok de militairen zelf bij de voorstellingen en stelde de artistieke interpretatie willens en wetens bloot aan de relativering en banalisering van de actualiteit.
Het is voor het Nederlandse theater uitzonderlijk dat een voorstelling op het acht uur journaal begint en pas afgelopen is na de dernière van de tournee. Alleen dat al maakt Kamp Holland uniek. De muziek is van susies haarlok, de daverende Nieuwkomers van Orkater.